Logo




Patiënt: Kate & William

29 / 04 / 2011

Recept: Evelyn Waugh: Een handvol stof

Pas dan is men uitzonderlijk, wanneer iedereen bevestigt hoe normaal je bent. Hoe vaak wordt er niet van vorsten beweerd dat ‘ze zo gewoon zijn gebleven’, ‘een nederige, bescheiden man’, ‘wou nooit anders dan de anderen behandeld worden’. Yeah right, zeg de volgende keer tegen de buschauffeur dat u zijn ootmoedigheid zo bewondert, en de kans is groot dat hij het als een belediging zal opvatten.

Koningen – tot de komst van de socialites à la Paris Hilton – zijn de ultieme beroemdheden. Ze hoeven alleen maar te zijn. Doen ze iets in het verlengde van dat zijn, dan is dat wereldnieuws. Geboren worden, naar school gaan, iemand een kusje geven, trouwen en doodgaan. Af en toe een ruzietje en een glaasje te veel. We maken het allemaal mee. Maar als Kate en William het doen, kijken er zoveel toe dat het een wereldrecord is. Een uniciteit die ooit op naam van Williams ouders stond.

Waarom eeuwige trouw een sprookje is, daar zou de boekendokter nog een paar jaar voor moeten specialiseren. Als is wel duidelijk dat Disney en dynastie hard hun best doen om het fabeltje in stand te houden.

lees meer …

Patiënt: Belga-journalisten in de rats. Recept: “Scoop” van Evelyn Waugh

08 / 02 / 2010

Deze patiënten hadden al veel eerder bij de boekendokter moeten langskomen: de journalisten van het persagentschap Belga.  Recentelijk legden zij het werk neer.  Het is aan hun doorzettingsvermogen te danken dat ze het nog zo lang hebben volgehouden. De boekendokter weet uit eigen ervaring dat het werken voor een persagentschap zelden dankbaar en altijd druk is.

Zelfs de dikste krant raakt een keertje vol; dat heet dan deadline en dan kan de zichzelf respecterende scribent aan het bier of de yoga. Maar niet als je aan de lopende band van een nieuwsfabriek staat. En komen je collega’s van tv en tijdschrift nog met hun naam in de krant, de Belgaan blijft anoniem. Soms worden er twee woorden aan je tekst veranderd en staat er boven je arbeidsvrucht opeens ‘van een onzer redacteuren’.

En nu het Belgische nieuws ’s nachts aangeleverd wordt vanuit Den Haag waar het Algemeen Nederlands Persbureau huist, nu roert zich het journalistenproletariaat. Om het moreel hoog te houden, schrijft de boekendokter graag de roman Scoop voor, van de Britse patriciër Evelyn Waugh (1903-1966). Veruit het meest humoristische boek over het journaille; zeer geschikt dus voor na die lange onderhandelingen met de managers.

Hoofdpersonage William Boot schrijft columns over het buitenleven. Een onderwerp waar hij als telg van een verarmde landeigenarenfamilie alles vanaf weet. Hij woont samen met zijn excentrieke familie in een vervallen buitenverblijf waar het personeel ofwel dronken is ofwel smerig voedsel serveert. Op een dag wordt hij in Londen gesommeerd. Hij vreest voor zijn baantje. Hij denkt dat hij ontslagen wordt door een misverstand over de vraag of de fuut nu al dan niet winterslaap houdt. Maar voor hij het weet mag hij voor de krant The Daily Beast een oorlog gaan verslaan in Ishmaelia, een fictief Afrikaans land waar een burgeroorlog tussen communisten en fascisten woedt. Er blijkt namelijk een succesvolle schrijver ook William Boot te heten en die had eigenlijk de baan moeten krijgen.

Een klassiek geval van persoonverwisseling dus, een van de vele oerdegelijke ingrediënten voor een komedie. Boot verbaast zich overal tegenaan. In Afrika weet niemand precies waar de oorlog precies woedt, iedere blanke die een taxi neemt wordt afgezet op een vaste plek, ongeacht wat de eigenlijke bestemming was, de telegrammen worden zo ingekort dat ze onbegrijpelijk worden en leiden tot scoops.

Waugh baseerde deze roman op zijn eigen correspondentschap in Ethiopië wat het boek een aangename authenticiteit geeft onder de grand guignol. Let wel, Waugh telegrafeerde een eigen scoop ooit door in het Latijn zodat de concurrentie er geen lucht van zou krijgen. Veel heeft hij dus ook niet hoeven te verzinnen. Aanbevolen lectuur dus voor bij het schijnsel van de vuurkorven bij de stakingspiketten. Valt er toch wat te lachen.