Logo




Patiënt: de politiek onverschilligen

07 / 01 / 2011

Recept: ‘De opstand der horden’  van José Ortega y Gasset

Er was eens een land dat sliep. Wie zijn ogen opentrok, werd snel gesmoord in een visuele vetzucht van kookprogramma’s en pubquizjes met grootverdieners. De treinen reden vaak genoeg op tijd. Knikkebollende massa’s werden in wagons naar de hoofdstad gevoerd. De draak Gewoontezucht stal daar wat leven van ze. Daarna mochten ze terug. De adem van Gewoontezucht verwarmde dikke ridders en geschminkte jonkers die met elkaar in een kamer zaten te praten. Maar de boze heks Geschiedenis en haar hulptrol Koppigheid hadden stiekem alle oren volgestopt met wafelbeslag en steenkoolgruis.

Nu de nota-Vande Lanotte zeer geschikt blijkt om een IJzertoren van papier-maché te maken, is het tijd voor een afspraak met de toekomst. Als over tien jaar blijkt dat deze impasse geen significante gevolgen heeft gehad voor de Belgische financiën en staathuishouding, kan de democratie worden afgeschaft. Een stel communicerende vaten van ambtenarij, burgerrechten en culturele smaakmakers volstaat dan blijkbaar. Idealisme is altijd al een wat te dure jas geweest voor de Belg. Een comfortabele hobbezak volstond vaak. Onverschilligheid beëelt de zielen.

lees meer …

Patiënt: De nog immer onderhandelende politici

23 / 12 / 2010

Recept: ‘Asterix, De diepe kloof’ van Albert Uderzo

België is ziek, zegt iemand in Duitsland. Een ander iemand twittert dat er een verschil bestaat tussen noordelijke en zuidelijke journalistiek. Nog een ander iemand zegt in haiku-stijl dat België toch niet ziek is. Het Rekenhof zegt dat er opgeschoten moet worden. Een koninklijk iemand stuurt gezanten, bemiddelaars en praatjesmakers erop uit. Er is ergens politieke moed voor nodig. Wie geen politicus is, kan het niet meer uitleggen. Wie politicus is, wordt niet meer gehoord.

De dikke dossiers zijn gelezen. Iedereen weet wat iedereen wil. Toch gebeurt er niks. De traditionele literair-medische middelen zijn uitgeput – de boekendokter moet naar een andere soort therapie grijpen. En misschien hebben de vergadertijgers gewoon iets simpels nodig. Het vanzelfsprekende onmogelijk maken kunnen ze al. Daarom nu verplicht onder kerstboom, in de drie landstalen: ‘De diepe kloof’ uit de Asterix-reeks. lees meer …

Patiënt: Oud-senator Kim Geybels

25 / 09 / 2010

Recept: ‘The Portrait of a Lady’  van Henry James

Niet te lelijk zijn om op te spuwen. En vrouw. En jong. En dan ook nog eens de behoefte voelen je in de wereld van ego’s en slechtzittende pakken te bewegen. Je zal het jezelf maar aandoen. Alsof bij ieder artikel over Herman van Rompuy staat hoeveel hij scoort op de aantrekkelijkheidsschaal.

Kim Geybels (28) is de enige oud-senator waarvan de boekendokter weet wat ze gestudeerd heeft en wat haar precieze leeftijd is. Want er moet in de berichtgeving om haar persoon voortdurend bevestigd te worden dat ze arts is (‘Aha, ze kan dus toch iets behalve een jong ding zijn’). Dat ze verliefd is geweest op een man met een iets te opzichtig drugsprobleem, was voor haar partij genoeg om haar aan de deur te zetten.

Na overdonderd te zijn, vecht ze terug. In eerste instantie niet al te succesvol.

De boekendokter heeft onmetelijke sympathie voor wie zich laat schampen en schaven door de liefde. En die zich bovendien weinig gelegen laat liggen aan het wereldbeeld van wie te lelijk is om op te spuwen. En man is. En oud.

Geybels maakt het zichzelf niet makkelijk. Hoe ze zich staande zal houden, zal de tijd leren. Maar dan nog, comfortabel geluk is niet voor iedereen een begerenswaardig doel. Sommigen vinden het recht om tegen de haren in te strijken en fouten te maken minstens even belangrijk.

Daarom, mevrouw Geybels, als hartversterker: ‘The Portrait of a Lady’  van de eerbiedwaardige inktapotheker Henry James (1834-1916). Hoofdpersonage Isabel Archer is een vrouw die het allemaal meeheeft in een tijd dat dat voor vrouwen niet noodzakelijk zo was. Ze heeft geld, is eigengereid en laat zich niet aan iedere geschikte huwelijkskandidaat lijmen die toevallig langskomt. Niks mis met die aanbidders maar Archer zoekt niet naar een kooi die lijkt op alle andere kooien.

Dan komt de sinistere kunstverzamelaar Gilbert Osmond langs. Ze trouwt met hem. Hij is een hardvochtige, kille klootzak. Mooi wezen en haar kop houden, dat mag ze. Gebroken kunnen we haar niet noemen. Sterker nog, op een moedige dag gaat ze er zelfs vandoor. En dan leeft ze nog lang en gelukkig. Of niet?

Omdat de boekendokter zeker wil weten dat u uw prachtig vervaarde medicijn neemt, verklapt hij het intrigerende einde niet. Maar weet dat het te maken heeft met het recht om op je smoel te gaan op de manier die je zelf verkiest.

Patiënt: De hoofden van PS, cdH, Ecolo, N-VA, sp.a, CD&V en Groen!

10 / 08 / 2010

Recept:  ‘De correcties’ van Jonathan Franzen

Het genezen zit de boekendokter in het bloed. Zijn grootvader was dorpsarts.  Hij  had drie medicijnen. Aspirine, antibiotica en een volkswijsheid. Die laatste luidde: ‘Een mens is niet gemaakt om alleen te zijn.’ Sukkelde een patiënt met hygiëne, gezondheid of levenslust, dan was de eenzaamheid daar vaak debet aan. Zeker, voor virale infecties heb je meestal ook een soortgenoot als schuldige aan te wijzen. Maar dat weegt niet op tegen de voordelen van lichaamswarmte, verwachtingen en de noodzaak proper voor de dag te komen.

En wat is de Belgische politiek anders dan een geconcentreerde vorm van leven? Dus ook in dit speelveld moet er samengeleefd. Goed, met zeven mogelijke coalitiepartners wordt het er niet makkelijker op. Dus daar kan wel wat literair medicijn bij to smooth the edges. Al die dossiers mogen nu echt wel even wachten – wat weet u nog niet na drie jaar communautair stuivertje wisselen? Neem liever ‘De correcties’ van de Amerikaan Jonathan Franzen (1959), een roman ter dikte van een telefoonboek over hoe je familie aan één tafel kunt krijgen voor een kerstdiner. lees meer …

Patiënt: Bart De Wever & Elio Di Rupo

09 / 07 / 2010

Recept: ‘One Day’ van David Nicholls

Liefde en politiek worden wel vaker samen door de metafoormolen gegooid maar op wat lijkt al dat knipogen en wegkijken tussen N-VA en PS? Precies, het zoeken naar minne natuurlijk.

Had deze informatieronde niet zo’n spierpijnverwekkend communautair voorspel achter de rug, dan was het vermakelijk hoe Bart De Wever & Elio Di Rupo tegelijk hard to get spelen. Maar pas op, liefde overwint misschien alles, fair play kent ze niet. De twee partijleiders moeten opletten dat als ze deze formatie volgens de regels van het spel spelen, ze elkaar misschien mislopen. En dan zijn er traantjes. Of rellen.

De heren doen er daarom goed aan om de dossiers even aan de kant schuiven en de paperback ‘One Day’ van de Britse schrijver David Nicholls open te plooien. Er komt ook een verfilming aan maar daar kunnen we nu niet op wachten.

‘One Day’ speelt zich af op woensdag 15 juli. Tussen 1988 en 2007 wordt telkens op die dag inzicht gegeven in de verhouding tussen Emma en Dexter. Op de avond van hun afstuderen belanden ze wat halfhartig in bed. En zo’n twintig jaar lang stoten ze elkaar af alleen maar om weer aangetrokken te worden. Emma heeft moeite om een weg te vinden in het leven. Dexter wordt gekatapulteerd richting roem met alle drugs en vrouwen van dien. Dexter komt keihard op zijn gezicht terecht. Emma schrijft een bestseller. En ondertussen flansen ze liefde en leven in elkaar. Tot opeens… Ja, dat moet u zelf maar lezen. En als alles uiteindelijk vast komt te liggen, dan opeens… Precies.

Wie bang is dat het hier om een al te luchtig letterhapje gaat, vreest verkeerd. ‘One Day’ schuwt het banale en de grap niet maar ook niet het zwarte, het pijnlijke en het vertederende. Het is Hornby maar dan zonder het al te jongensachtige, Bridget Jones maar dan zonder de karikatuur. Dickens zelf, maar dan zonder de postkoets en stervende weesjes.

Meneer De Wever, Monsieur Di Rupo, niet te koppig zijn, een beetje durf, een beetje doorduwen, een beetje trots inslikken. Als het voorbestemd is, zullen jullie elkaar wel vinden. Maar een beetje stroomlijning is wel wenselijk. Hier wat trailers om u lekker te maken.

En nu de boekendokter toch de gelegenheid heeft om het over voorbestemming te hebben – Jij, ja, jij, ik weet dat je dit leest. Waarom moeilijk doen? Wat gebeurd is, is gebeurd. Bel me. Het kan nog. Alsjeblieft. Bel me. Voor je het weet, zijn we twintig jaar verder zonder elkaar. Bel me.


Patiënt: Al wie moe is van de politiek

16 / 06 / 2010

Recept: Being There van Jerzy Kosinski

Van worsten en wetten is het beter dat je zo min mogelijk weet over hoe ze tot stand komen. Dat zei een politicus natuurlijk. In een poging zijn vak nog enige eerbaarheid te geven. Slagers hebben meestal nog schone handen voor ze aan het werk gaan. Een luxe die veel bestuurslui zich al een paar vlieguren niet meer kunnen veroorloven.

In een democratie trekken bewindsvoerders zich dan ook graag terug terwijl ze oude organen aan het uitspoelen zijn om er vermalen verleden in te persen. Omdat overheersing pas echt leuk wordt als de overheerste in de waan is dat hij vrijwillig de macht heeft afgestaan, bestaan er verkiezingen. lees meer …

Patiënt: Alexandra Colen

05 / 06 / 2010

Recept: ‘Over domheid’  van Robert Musil

Toen de boekendokter nog ver verwijderd was van zijn witte jas en leesbril, bracht hij eens een avond door met Alexandra Colen. Het was in Leuven. Als je bloed gaf, kreeg je gratis toegang tot een politiek debat. Colen werd systematisch weggehoond. Altijd geïntrigeerd door wat zijn omgeving verwerpt, stelde de boekendokter na afloop wat vragen aan de mevrouw die in het nieuws kwam omdat ze zich verzette tegen prikkelende reclameposters. Een café later leerde ik dat haar schrille debatteertoon niet constant is. En dat we het niet eens waren. Ze verdween uit het aandachtsveld.

Tot deze week. Eerst riep de lijstduwer op tot een krantenverbranding, die na ampel pr-overleg teruggeschroefd werd tot een krantenverscheuring. Een protestdaad omdat het leeuwendeel van de Vlaamse media volgens haar leugenachtig is; sterker nog deze behoort tot de slechtste ter wereld. De slechtste ter wereld, misschien sprak ze op reviaanse wijze. Zoals wanneer de volksschrijver zei dat hij wereldberoemd was in Nederland.

Nu is mediakritiek nooit een slechte zaak maar het oproepen tot verbranding kan maar twee mogelijke redenen hebben. Een nachtzwarte politieke inslag of gewoonweg domheid. We stellen de diagnose voorlopig op het laatste. lees meer …

Patiënt: Jean-Luc Dehaene

13 / 04 / 2010

Recept: A Confederacy of Dunces van John Kennedy Toole

De koninklijk gedeputeerde BHV-tovenaar Jean-Luc Dehaene zou in een fysionomisch standaardwerk terug te vinden zijn onder het lemma ‘barsheid’. De wenkbrauwen als een spottende W, de afwijzende mond als spiegelbeeld daarvan, een lichaamsbouw die letterlijk incontournable is. Dehaene is de bombarde van de diplomatiek. Als hij ingezet wordt, weet je dat het menens is. Als hij faalt, rest alleen nog de eerloze aftocht.

lees meer …

Patiënt : Boudewijn Bouckaert. Recept : “De eeuwig bron” van Ayn Rand

22 / 02 / 2010

De boekendokter, zijn artseneed indachtig, behandelt al wie dat nodig heeft. Politieke voorkeur speelt daarbij geen rol. En politiek uit de kast komen, daar heeft de patiënt van deze week een beetje moeite mee.

Boudewijn Bouckaert , iemand die men een prominent liberaal kan noemen, bekeerde zich eerst tot de VLD, zocht dan de ambiance van LDD en nu het feestgedruis daar wat geluwd is, wil hij terug naar de vroegere sociëteit. Tot meneer DD zegt: ‘Hela, hola, zo niet.’ En nu blijft de patiënt toch. Een chronisch teveel aan wisselvalligheid, dat is de diagnose.

En dat is nu net een euvel dat aan de kaak wordt gesteld in De eeuwige bron van de Russisch-Amerikaanse schrijver Ayn Rand (1905-1982). Held van het verhaal is Howard Roark, een jonge, briljante architect, die voor Rand geldt als de ideale man. Dat wil zeggen dat zijn lichaam opgetrokken is ‘uit lange rechte lijnen en hoeken, elke ronding gebroken tot vlakken.’ En dat hij koppig is als graniet. Hij hangt namelijk het modernisme aan. Hij walgt van alles wat een imitatie is van iets anders. Dus geen zuiltjes, frontons of victoriaans gefrutsel. Hij wordt van de academie geschopt, moet van arren moede in een steengroeve gaan werken, zijn gebouwen worden doodgezwegen, wat hij bouwt wordt afgebroken. Hij verdraagt het allemaal. Geen ‘helaas’ of ‘jammer’ komt over zijn lippen. Zijn talentloze studiegenoten worden ondertussen geroemd en rijk. Roark ziet langzaam zijn dagen verdampen. Werkloos, arm, maar immer rechtop.

Schrijver Rand wilde in Amerika groot worden, niet zozeer als auteur maar als metafysisch roerganger. Haar belangrijkste gebod? Lang leve het individu; de rest doet er niet toe. Doe alles volgens de eigen richtlijnen, laat je niks gelegen liggen aan de ander. Rand was een vurige wegbereider van haar eigen gedachtegoed, ontwierp de filosofische stroming ‘objectivisme’ en wist een aanhang te creëren. Tot haar inner circle behoorde bijvoorbeeld Alan Greenspan, het latere hoofd van de nationale bank van de Verenigde Staten. Dat kapitalisten haar werk zagen als een filosofische apologie is niet verwonderlijk.

Romanpersonage Roark blijft namelijk stug vasthouden aan zijn principes en… jawel, uiteindelijk valt groot maatschappelijk succes hem ten deel. Niet dat dat hem iets uitmaakt, natuurlijk. Bij uitstek geschikt voor al wie nog al eens twijfelt aan zijn eigen keuzes.

Maar, professor Bouckaert, vergeet u mijn eigen bijsluiter niet te lezen. De eeuwige bron is een dikke pil van zo’n achthonderd pagina’s. Het merendeel van dat boek bestaat uit preken. Tegen het systeem, tegen het zoeken naar erkenning, tegen wat Roark noemt het ‘tweedehands leven’.

Rand kan schrijven, beschrijven vooral. Het lichaam, de gebouwen, de stad, iemands jeugd, in haar scherpheid schuilt haar talent. Haar vileine kritiek op artistieke tijdgenoten als Gertrude Stein is vermakelijk. En in zoveel riem papier duiken natuurlijk mooie zinnen op: ‘Goed, dacht hij, dan is het maar een marteling. En wat dan nog?’ of ‘Een mens kan nou eenmaal niet overal kotsen, alleen omdat hij toevallig misselijk is.’

Bij het verschijnen werd het boek afgekraakt, vooral vanwege het moralisme dat de inkt lijkt te hebben vervangen in het boek. Maar na twee jaar werd het een bestseller door mond-tot-mondreclame. En nu is het al bijna zeventig jaar in druk. Een boek dat vanwege zijn receptie veel zegt over de waarde van doorzettingsvermogen. En die ontvangst maakt misschien wel meer indruk dan de superman Roark.